In
een recent boek van Bernhard Reitsma, hoogleraar theologie aan de VU in
Amsterdam las ik iets wat veel kerkgangers diep van binnen beseffen:
“Door God te loven doet de christelijke
gemeente wat de rest van de schepping (nog) nalaat."
Loven, zingen is wat we
in de kerk doen, of het nu een evangelische, katholieke of protestante kerk is.
En we doen het samen, iedereen mag meedoen, oud en jong, mensen met mooie
stemmen en mensen die vals zingen, het doet er niet toe, het gaat er om met
zijn allen God te loven.
Uiteraard wordt er ook op andere plekken in de
samenleving gezongen, op voetbalvelden en bij allerlei festiviteiten. Maar daar
gebeurt het meestal spontaan, in de kerk wordt altijd gezongen. Op het voetbalveld mag je zingen, in de kerk moet je zingen. Een week geleden ging
iedereen in onze kerk overigens spontaan staan bij het lied na de preek: ”Jezus
leeft in eeuwigheid, zijn shalom wordt werkelijkheid”. Het voelde alsof we met
zijn allen uit volle borst ons geloof proclameerden en ik dacht bij mezelf: ”Zo
is het leven bedoeld, hiervoor heeft de Schepper aan mensen een stem gegeven.
Met
een stem heeft elk mens ook een aangeboren gave om te zingen gekregen. Voordat een kind
naar school gaat kan het al zingen. Onze kleindochter van drie jaar zingt -volledig
op toon- “Jezus is de goede Herder” en
het tweejarige dochtertje van mijn Eritrese vriendin spreekt nog geen woord, maar zingt- samen met
haar moeder-“Slaap kindje slaap.”
“Waarom zou ik naar de kerk gaan?” Een goed antwoord
is: Om samen te zingen, tot eer van onze Schepper. Om Hem te loven en te danken
en al zingende te merken dat je je verbonden voelt met iedereen om je heen!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten