maandag 12 juni 2023

Tijdlijn

 

‘Tachtig vrienden hebben iets op je tijdlijn geplaatst voor je verjaardag’: dat is hoe we vandaag de dag onze verjaardag vieren op Facebook. Het gaat allemaal lekker snel, je scrolt er even door heen en klaar is Kees. [Voor de senioren: ’Je spreekt het uit als skrol-len. Het is het bewegen van de schuifbalk onderin en/of rechts van het venster. Hierdoor worden andere delen van het document zichtbaar.’ Zo staat het op het ‘Seniorweb’, hoe verhelderend is dit vraag ik me af.]

Mijn tijdlijn heeft het getal 65 bereikt. Voor onze kleinkinderen iets waar zij zich helemaal niks bij voor kunnen stellen. ‘Oma, je bent nu 6 + 5, dus een beetje ouder dan ik’, zegt Anne van 6. Onze kinderen weten wel beter: ’Jullie zijn echt van een andere generatie hoor niks mis mee, maar toch.’ Mijn moeder ziet het van een andere kant: ’Ach jo, 65 is nog lang geen 85.’ Ik zelf kan me herinneren dat ik mezelf al vreselijk oud vond toen ik 50 werd, een leeftijd die me nu tamelijk jong aandoet.

Toen ik twee dagen 65 was werd ik gebeld door een oudere dame. Haar tijdlijn staat op 88 maar ze doet niet aan tijdlijnen want ze is te oud en te ziek om achter de computer te zitten. ‘Hallo Margriet, ik bel je even voor je verjaardag. Hoeveel jaar ben je nu?’ ‘Och, ik ben 65 geworden, oud he?’ ‘Tjonge, dat had ik niet gedacht, zo oud al?’ Wrijf het in, dacht ik bij mezelf maar zij ging verder: ’Dan schiet het voor jou dus ook al op’. ‘Wat bedoet u?’ ‘Nou, ik weet dat jij een prachtig leven hebt, maar wat er gaat komen is onvoorstelbaar veel mooier en grootser, en daar ben jij nu weer een jaartje dichter bij.’ Ik viel stil. ‘Ik ben zo vreselijk benieuwd’, doorbrak zij de stilte. En ik voelde me beschaamd. Heel erg beschaamd. Zij is een alleenstaande vrouw met een klein pensioen dat ze elke maand voor het grootste gedeelte naar een paar vrienden in Afrika stuurt: ’Die kunnen het zo goed gebruiken, ik heb bijna niks nodig.’

Waarschijnlijk zonder dat ze het besefte gaf ze mij een prachtig cadeau: doorleefde visie op de eeuwigheid.

maandag 5 juni 2023

Van twee kanten


Nog een paar dagen en dan zijn Bernard en ik 33 jaar getrouwd. Die 33 jaar zijn omgevlogen in tegenstelling tot de 30 jaar waar ik op de ware Jacob wachtte. In die tijd kwam ik af en toe iemand tegen die mij de ware leek. Maar elke keer zag de betreffende dat niet zo. Andersom kwam het ook voor. Steeds weer was het: jammer maar helaas. Maar tussen Bernard en mij kwam de liefde van twee kanten. Dat is en blijft een wonder en een groot geluk.

De bijzondere boodschap van het Nieuwe Testament is dat God in elk mens ter wereld een ware ziet, iemand met wie Hij een eeuwige liefdesrelatie wil aangaan. ‘Alzo lief heeft God de wereld…’. De spannende vraag voor God is natuurlijk: wie ziet Hem als de ware, de enige, degene die de moeite waard is om op te wachten. Als ik de statistieken mag geloven is dat in Nederland minder dan twintig procent van de bevolking.

‘Jezus als de Ware Levenspartner’, de meeste mensen zien het niet. Ik zag het ook niet, totdat ik deze Bijbeltekst las: ’Verlustig u in de Heer, dan zal Hij u geven de wensen van uw hart’.* Het was alsof God mij toefluisterde: ‘Ga toch eens een beetje meer van Mij houden, verdiep je in Mij, je kent Mij nog lang niet echt, Ik ben heel erg de moeite waard, Ik ben de ware Minnaar.’ Ik ben op zoek gegaan, heb andere gelovigen vragen gesteld en antwoorden gekregen. En stukje bij beetje werd Jezus ook mijn ware liefdespartner. Tien jaar later ontmoette ik Bernard, iemand die wat dit betreft hetzelfde pad was gegaan. Wij werden op elkaar verliefd en ik kon en kan mijn geluk niet op. ‘Dan zal Hij u geven de wensen van uw hart….’

(* Psalm 37:4)

maandag 29 mei 2023

Bevrijd van het gips

 

Ik keek er naar uit zoals een kind naar zijn verjaardag: 23 mei, de dag dat in de Sionsberg in Dokkum het gips van mijn pols afgeknipt zou worden. Twee weken hiervoor was het harde gips er afgezaagd. Eventjes zag ik hoe zielig gelig en magertjes die pols er bij lag. ‘Tjonge, die heeft echt een klap gehad’, zei Bernard, alsof die vreemde kleur voor hem meer overtuigend was dan de röntgenfoto. ‘We doen nu zacht in plaats van hard gips’, zei de gipsmeester en thuis merkte ik dat zacht gips aangenamer is dan hard. Niet alleen voor mezelf, ook voor Bernard. Ik had hem ’s nachts onbewust een paar keer een harde een mep gegeven in mijn slaap.

Op 23 mei zou de pols dus weer open en bloot door het leven mogen gaan. Ik zag er naar uit maar was ook bang en hoopte vurig dat het gelige verdwenen zou zijn. De orthopeed en de gipsmeester leken er gerust over. Ze bekeken de röntgenfoto, en vroegen of het ongeluk vier weken geleden was. Ik knikte en de gipsmeester pakte de grote schaar. Het was in een paar seconden gepiept. ‘Het gaat allemaal volgens het boekje bij u, dan kan nu het oefenen beginnen’, zei hij. ‘Het oefenen?’ vroeg ik terwijl ik opgelucht zag dat die gele kleur nagenoeg was verdwenen. ‘Ja zeker het oefenen, dat gaat ook weer vier weken duren, probeer je beide handen maar eens naar buiten te draaien. ’Au, dat doet pijn’, riep ik. Verbeeldde ik het me dat de gipsmeester lachte? ‘Dat bedoel ik dus, oefenen, hoe meer je oefent hoe beter het zal gaan’, zei hij vriendelijk.

Komt tot Mij allen die vermoeid en belast zijt en Ik zal u rust geven’, zegt Jezus. Dat is stap 1 in het leven van een christen. Maar die rust is niet het eindpunt. Stap 2 is: ’Neem mijn juk op  en leert van Mij’: het oefenen aan de hand van Jezus. Vandaag is het tweede Pinksterdag, ik oefen nu een halve week met mijn hand. Soms doet het weer pijn, maar ik weet dat dat bij het oefenen hoort. Oefenen aan de hand van Jezus gaat soms ook met horten en stoten, maar iedereen die daar zijn best voor doet merkt: dit is het echte leven!

maandag 22 mei 2023

Spiegel


Als je iemand vraagt: ’Hoeveel keren per dag kijk jij de spiegel?’, kun je de meest uiteenlopende antwoorden verwachten. ‘Bijna nooit’, zegt één van mijn zusjes steevast. ‘Wel honderd keer op een dag’, een andere vriendin die in elke kamer van haar huis een spiegel heeft hangen. ‘Ik word alleen maar onzeker over mezelf als ik in de spiegel kijk’, of: ‘Ik heb de spiegel nodig om zeker over mezelf te worden, zonder spiegel zou ik mezelf nooit kunnen opmaken, en zonder make up ben ik niet om aan te zien.’ In de spiegel zien we wat eraan mankeert en de spiegel helpt ons onszelf te verbeteren.

Als je aan iemand vraagt: ‘Hoeveel keer per week lees jij in de bijbel?’, kun je ook de meest uiteenlopende antwoorden verwachten. ‘Ik lees nooit in de bijbel want ik vind het een veel te moeilijk boek’, of:’ elke dag na het eten dat ben ik zo gewend, of:’ s avonds voor het slapen gaan een klein stukje.’ Sommige mensen bezitten heel veel bijbels, in allerlei verschillende vertalingen. Anderen hebben alleen hun trouw bijbel. Nu loopt het aantal bijbels dat iemand bezit en het aantal keren dat hij erin leest vaak niet parallel. Ik ken mensen die heel veel bijbels in huis hebben en er toch nooit inlezen. En dat is vreemd, want iemand die veel spiegels heeft kijkt er meestal ook vaak in. Waarom gaat dat voor de bijbel niet op?

Ik denk dat dat komt omdat de meeste mensen niet begrijpen dat de bijbel ook een soort spiegel is. De bijbel is niet alleen een boek over God en over Jezus, de bijbel is ook een boek over de mens, over jou en mij. De bijbel is geschreven op dat mensen zichzelf erin herkennen. Zonder spiegel kun je jezelf voor de gek houden, voor de bijbel geldt hetzelfde. Die laat je zien hoe je er van binnen aan toe bent. Dat is soms even schrikken, maar mensen die verder en vaker lezen zullen ontdekken dat diezelfde bijbel hen laat zien hoe ze van binnen beter kunnen worden. En hoe meer ze dat gaan ontdekken, des te vaker zullen ze erin blijven lezen 😊 

maandag 15 mei 2023

Onthand

 

‘Je hebt geluk dat het je linker pols is, want je bent rechtshandig toch?’, vroeg één van mijn zussen nadat ze gehoord had over het breken van mijn pols. Ze had uiteraard gelijk, een gebroken rechter pols was pas echt onhandig geweest. Maar na twee weken hard, en één week zacht gips om die linker pols vraag ik me af of het heel anders was geweest als het mijn rechterpols was. Want ik ben erachter gekomen dat mijn rechterhand niet zonder de linker en de linker niet zonder de rechter kan. Ze vullen elkaar aan. Ze hebben elkaar nodig, van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat. Wie ooit weleens in zijn leven geprobeerd heeft om zich met één hand aan te kleden weet waar ik het over heb. Het lukte mij de eerste week niet. En om een boterham te besmeren met boter en jam en daarna in stukjes te snijden lukte ook niet. Koken met één hand bleek moeilijk, strijken simpelweg onmogelijk.

Dus bleef er veel tijd over om te peinzen, over tweetallen. Een mens heeft niet alleen twee handen maar ook twee voeten, twee ogen, twee oren, twee neusgaten. Om te lopen moeten linker en rechtervoet samenwerken en voor horen zien en ruiken geldt hetzelfde. Niet alleen bestaat het menselijk lichaam voor een aanzienlijk gedeelte uit tweetallen, ook mensen onderling functioneren het beste op die manier. ‘Het is niet goed dat de mens alleen is’, staat in Genesis. Ik prees mijzelf de afgelopen weken gelukkig dat Bernard er was om me te helpen met koken, aankleden en zelfs strijken.

Maar met wat ik het liefste doe, schrijven, typen op de computer, kon hij me niet helpen. En daarvan baalde ik echt. Maar Bernard zei met een lachje: ’Nu kun je er eindelijk niet meer onderuit.’ ‘Waaronderuit?’, vroeg ik. ‘Met je tekst inspreken, in plaats van opschrijven’, zei hij. Hij zelf doet dat al jaren en het gaat inderdaad veel sneller dan typen. Maar ik wilde er nooit aan. Omdat het voor mijn gevoel dan net lijkt alsof dat wat er op papier komt niet van jezelf is. Maar toen ik daar over mijmerde -ik had immers tijd genoeg om te mijmeren- bedacht ik dat het vroeger heel gebruikelijk was om hard op uit te spreken wat iemand anders dan opschreef. Veel van Paulus brieven zijn zo geschreven.

En nu spreek ik alles dus al een paar weken in en komt het zonder mijn hand op papier. Met mijn stem is gelukkig helemaal niks mis.

maandag 8 mei 2023

The big five

 

Aan het einde van onze vakantie in Kenia kwam het er, met gebroken pols en al, toch nog van: een tweedaagse safari naar Tsavo, het grootste van de 50 nationale parken en reservaten van Kenia. ‘Safari ’ is het woord voor rondrit in een Afrikaans wildpark waarbij het er op aankomt ‘de grote vijf’ te schieten. Niet letterlijk zoals vroeger, maar figuurlijk, met de camera. Iemand die op safari is geweest krijgt altijd de vraag: ’En heb je ze alle vijf gezien?’ De olifant, de buffel,  de leeuw, het luipaard en de neushoorn.

Om kwart voor zes ’s morgens, het begon net een beetje licht te worden, werden we opgehaald door een echte safari-landrover waarvan het dak naar boven kan zodat iedereen staande om zich heen kan kijken. Voordat dat zover was haalde onze chauffeurs eerst onze vier medereizigers op: een half joods echtpaar uit Polen en een Keniaanse man met Zwitserse vriendin, wildvreemde mensen voor ons, het enige wat we deelden was ons gezamenlijk verlangen om de grote vijf te zien.

Precies vijf uur later kwamen we aan bij de ingang van het park en hadden we er dus al een hele reis op zitten. Gelukkig hoefden we, eenmaal in het park, niet lang te wachten want al na een kwartier stopte de landrover voor een rode olifant op anderhalve meter afstand. Ik had nog nooit een rode olifant gezien,  deze was rood geworden van het rode zand van Tsavo. Olifanten bleken er overal rond te lopen : mannen, vrouwen en zelfs baby olifantjes. 'Maar ik ben gekomen voor de leeuwen’, zei de Pool. De chauffeur vertelde dat de giraf zijn lievelingsdier is, die zagen we binnen het uur, maar die hoort niet bij de grote vijf. Tegen de avond wees de chauffeur ons op een buffel, niet zo dichtbij als de eerste olifant, maar goed genoeg om gespot te worden. De rest van de dag zagen we  giraffen, zebra’s, antilopen in soorten en maten en struisvogels. Maar niet één van de grote vijf.

De volgende dag begon onze safari vroeg, om zeven uur: ‘op dit tijdstip hebben we meer kansen’, zei de chauffeur. Hij bleek ervaringsdeskundige , want binnen het uur stopte hij de Land Rover, niet voor één, maar voor maar liefst tien leeuwen. Ademloos gingen we alle zes rechtop staan en het aantal foto's dat gemaakt werd valt niet op twee handen te tellen. Om elf uur reden we het park weer uit,  van de grote vijf hadden we er  drie gezien, maar de vier wildvreemde mensen waren inmiddels al lang geen wild vreemden meer.

maandag 1 mei 2023

Pole Sana

 

Vorige week maandag arriveerden we dan toch eindelijk in Kenia. Blij en opgelucht want ook deze keer was er een hindernis geweest: de lekke band van onze auto een paar honderd van ons huis. We waren net met  koffers en al in gestapt om naar het station te rijden. Het gebeurde vlak voor het huis van een vriend die naar buiten rende toen hij zag wat er gebeurde: ‘Stap maar gauw met jullie koffers in mijn auto, jullie móeten naar Kenia’. We haalden de trein naar Schiphol en ook het vliegtuig naar Kenia en landden de volgende dag 's middags op het vliegveld in Mombassa. Daar wachtte onze taxi en anderhalf uur later kwamen we op de plaats van bestemming in Ukunda aan. Achterin de taxi was ik oren en ogen tekort gekomen. Wat te denken van ‘Pas op, overstekende kamelen’, kris kras rijdende tuk tuks (bromfiets rick shaws), passagier busjes in fel beschilderde kleuren en overal prachtig geklede Afrikaanse vrouwen. Het voelde als een ‘trip down to memory lane’.

Maar een paar dagen later had zich een ander gevoel van mij meester gemaakt. Een ongemakkelijk gevoel. Een gevoel dat ik helemaal niet kende van de jaren die wij in Nairobi woonden. Ik begon te beseffen dat iedereen mij hier alleen ziet als een mzungu* bij wie je je hand mag ophouden. Het feit dat ik  meer dan tien jaar in Kenia woonde valt  nergens uit op te maken: ik heb de verkeerde kleur en spreek maar een klein mondje Swahili. In Nairobi hebben we een aantal Keniaanse vrienden voor wie het verschil tussen zwart en wit niks uitmaakt, maar Nairobi is ver van hier.

En toen kwam de omme slag, op een manier die ik van tevoren nooit had kunnen bedenken. Aan de kant van de weg, vlak voor een souvenir stalletje, struikelde ik over iets, viel achterover op de grond en kon niet meer overeind komen. Bernard en de eigenaar van het stalletje trokken me omhoog en zetten me op een stoel. Ik voelde me misselijk van de pijn en dat was van mijn gezicht af te lezen want de koopman pakte subiet een ketting van zijn plank die hij in mijn hand duwde: ‘Oh pole sana* mama, you get this one for free from me’. De rollen waren omgedraaid. Op weg naar het ziekenhuis vroegen mensen die zagen dat ik verbeten mijn hand omhoog hield: ‘What happened with your hand mama?’ En in de wachtkamer van het ziekenhuis was ik gewoon een van alle andere mensen die op behandeling wachten.

Nu loop ik al dagen met mijn gebroken pols in knalgroen gips en een arm in een mitella. Dat knal groene gips heeft de wandelende geldautomaat in een echt mens veranderd. En dat voelt vizuri sane.*

 

* blanke

* het spijt me zo

* heel goed

zondag 23 april 2023

Mc Donalds

 

Noordoost Friesland mag dan een ‘krimpgebied’ zijn, sinds anderhalf jaar doen wij hier niet onder voor de rest van Friesland want we hebben onze eigen Mc Donalds. Eind 2022 geopend, aan de Lauwersseewei bij Dokkum. Middelbare scholieren die op hun fiets ’s morgens Dokkum in- en s ’middags uitrijden waren de eerste trouwe stamgasten. Tot verdriet van hun moeders, want menig pakje brood belandt in de prullenbakken buiten terwijl binnen gelachen en gesmuld wordt van een kip- of hamburger.

‘Tjonge, dat was er voor ons niet bij, wat leven we toch in een andere tijd’, verzucht mijn vriendin achter haar beker cappuccino. Ook wij hebben vanuit de Westereen de Mc Donalds ontdekt. Wij passeren niet op weg naar school, voor ons is het Mc Cafe het sluitstuk van even winkelen in Damwoude. Een paar keer per maand rijden we daar samen naar toe, in de zomer op onze e bikes (zonder helm, foei) in de winter in de auto. Als we dan bij Mac Donalds tussen de scholieren zitten voelen we ons weer een beetje jong.

De medewerkers van Mc Donalds zijn goed geïnstrueerd: ’Wilt u er ook een koekje bij?’, is de steevaste vraag als ik cappuccino bestel. Maar vanmorgen is het anders.’ Bent u al vijf- en zestig?’, vraagt een mooi opgemaakte vrouw die haar kleurige Mac Donalds uniform met flair draagt. Ik val stil en kijk met open mond naar haar zwarte haar dat net als het mijne ook geverfd is. Sinds ik mijn haar verf voel ik me nog lang geen vijf- en zestig. Waar haalt ze het lef vandaan om mij hier, op dit moment, tussen al die jongeren, aan mijn leeftijd te herinneren? ‘Nog net niet’, murmel ik:’ begin juni is het zover.’ ‘Nou, omdat u zo eerlijk bent krijgt u dan toch van mij de 65+ korting’. Ze voelt dat ze iets goed te maken heeft en als ze mijn verbaasde blik ziet zegt ze:’ 65 plussers krijgen 70 cent korting op de cappuccino.’

 ‘1 Cappuccino 65+, 1 Geen Cookie’, lees ik op de bon. Over twee jaar krijg ik AOW, nu dus al hele voordelige koffie. ‘Dankjewel voor je vraag’, grinnik ik haar toe ik als ik mijn beker meeneem.  

maandag 17 april 2023

Therapeutisch tuinieren

 

Het tuinseizoen is aangebroken en dat werkt goed op mijn gemoed. Ik ben nou eenmaal dol op wieden en schoffelen, zaaien en planten. Het komt door mijn genen, mijn vader was ook altijd bezig in zijn tuin. Dat was zijn zesde dochter, hij was dol op haar. Ik begin langzaam te begrijpen waarom: de tuin zegt nooit iets terug, is altijd stilletjes aanwezig, is nooit saai maar verandert van seizoen naar seizoen. Onze tuin kleurt nu hemels van de rankje blauwe druifjes waartussen een paar groepjes stoere tulpen zich laten gelden. De hortensia’s beginnen groen uit te lopen, de dahlia’s laten nog op zich wachten, net zoals de stokrozen en de Agapanthus. Als ik om de een of andere reden nooit meer op vakantie zou kunnen gaan, dan is er altijd nog de tuin. Tuinieren heeft iets therapeutisch. Daar kan niets tegenop. Het doet meer met me dan een goed gesprek of een mooie kerkdienst.

Tuinieren als therapie zonder dat er een therapeut aan te pas komt. Ligt hier een markt? Het is in elk geval voordelig, dat kan van een psycholoog of een therapeut niet gezegd worden. Tuinieren als therapie zonder dat er een gesprek -de meest voorkomende behandelingsvorm van een therapeut -  aan te pas komt. Hoe kan dat? Waarom heeft werken in de tuin, wroeten met je handen in de aarde, zo’n helende werking, niet alleen op mij maar op heel veel mensen? Ik voel me altijd een beetje meer mens na een paar uurtjes in de tuin.

Zoals heel vaak kwam het antwoord uit iets dat ik in de bijbel las: Psalm 19, een gedicht van David over de schepping.

‘Niet zoals mensen spreken. Geen stemgeluiden, geen taal, zwijgen is het, sprakeloze stilte: tot aan de randen van de aarde weerklank van stilte.’*

Als ik tuinier mag ik met God zelf in gesprek zijn, een gesprek zonder woorden, in het aller diepste van mijn ziel. Terwijl ik onkruid wied en kleine zaadjes in de grond stop hoor ik Hem bijna fluisteren: ’Wees niet bang, nergens voor, Ik ben er immers ook en Ik ben aan het werk, dat zie je toch. Van de Agapanthus zijn alleen nog groene sprieten zichtbaar. Maar Ik werk, het zullen grote sierlijke planten worden. Vrees niet mensenkind, maar werk met Mij mee. Ik Zelf doe het grootste werk.’

(*vers 4, 5 vertaling Huub Oosterhuis)

maandag 10 april 2023

Houd mij niet vast

 

Vandaag is Tweede Paasdag. Mensen gaan naar familie, meubelboulevards, tulpenvelden of blijven thuis om te genieten van een extra vrije dag. Veel winkels zijn dicht. Er valt iets te vieren: de opstanding van Jezus uit de dood.

Het was een vrouw die als eerste met de opgestane Heer sprak: Maria. ‘Waarom huil je?’, vroeg iemand die in de graftuin liep.’ Ik huil omdat ze mijn Heer hebben weggenomen en ik weet niet waar ze hem hebben neergelegd’, snikte ze. ‘Maria’, zei hij. Aan zijn stem hoorde ze wie het was. Ze had hem niet herkend, hij zag er als opgestane Heer blijkbaar anders uit. En dan komt dat vreemde zinnetje: ’Houd Mij niet vast.’ ‘Noli me tangere’, in de Latijnse vertaling. Een inmiddels wereldberoemde zinnetje. Mensen hebben erover geschreven, gemediteerd en geschilderd. Die ontmoeting tussen Jezus en Maria: totaal overrompeld staat zij oog in oog met Hem die drie dagen ervoor aan een kruis stierf. Maar zij mag hem niet vasthouden, waarom niet? Als er iets is dat zij wil is dat het, ze wil hem nooit meer loslaten. Dat was haar een keer overkomen, dat wilde ze niet meer. Nooit meer.

Een paar weken later staat Jezus met zijn leerlingen op de Olijfberg en doet Hij een andere uitspraak die wereldberoemd werd: ’Ik ben met u, alle dagen.’ Is dat niet in tegenspraak met elkaar? Mogen die leerlingen Jezus wel vasthouden en Maria niet?

Vandaag vieren we Jezus’ opstanding uit de doden, zijn overwinning over de macht van de dood. Over een paar weken komt hemelvaart en daarna Pinksteren. We vieren het na elkaar omdat het na elkaar gebeurd is, maar het hoort bij elkaar: Goede Vrijdag, Pasen, Hemelvaart en Pinksteren. Op de Paasmorgen ontmoet Maria de opgestane Heer. Maar ze moet weten dat het verhaal nog niet af is. Jezus zal nog een paar weken op aarde blijven in die mysterieuze gestalte en dan zal hij naar de hemel gaan. Vandaaruit zal hij  terugkomen in een andere gestalte, die van de  Heilige Geest en zo zal ze Hem kunnen vasthouden, want ‘Zie Ik ben met jullie alle dagen tot aan de voleinding van de wereld.’

Ook wij mogen Hem zo vasthouden, voor altijd, waar en wie we ook zijn.

maandag 3 april 2023

Grote teleurstelling

 

Vorige week reageerden veel mensen op mijn blogje ‘Vol verwachting’. Ik vermoed dat het er deze keer minder zijn. Want ‘Grote teleurstelling’ klinkt niet veel belovend. Verwachting roept spanning op, teleurstelling het tegenovergestelde: het is niet wat je verwacht had, gehoopt had. Voor een vrouw die graag een kind wil hebben liggen verwachting en teleurstelling dicht bij elkaar. In theorie  zou ze elke maand zwanger kunnen worden maar als dat niet gebeurt, terwijl ze het graag wil, is ze teleurgesteld. Pijnlijk teleurgesteld. Ik durf te beweren dat elke dag in Nederland honderden vrouwen er zo aan toe zijn. Grote verwachting kan zomaar omslaan in verschrikkelijke teleurstelling.

Hoe sta jij, die dit leest, erin: ben je vol verwachting of vol teleurstelling? Voor jonge mensen is het in zekere zin makkelijker om vol verwachting te zijn. Als je jong bent ligt het leven nog voor je, maar hoe zit het als je de zestig gepasseerd bent? Ik word over een paar maanden 65, een bijna pensioen gerechtigde leeftijd. Er liggen meer jaren achter mij dan voor mij. Verwacht ik nog iets van die jaren of is het alleen maar uitzitten van mijn tijd?

De ‘Stille Week’ is de naam die de kerk gaf aan de week die net begonnen is. De week waarin stilgestaan wordt bij het lijden en sterven van Jezus: de allergrootste teleurstelling voor zijn leerlingen. Drie jaar waren ze Hem gevolgd, hadden ze het ene na het ander wonder meegemaakt, was het leven een groot feest voor hen geweest. En toen eindigde dat allemaal abrupt aan het kruis. Met eigen ogen zagen ze hoe hun Grote Leider stierf. Terwijl zij al hun hoop en verwachting op hem hadden gevestigd. Hoe moest het nu verder?

En dan komt op die eerste Paasmorgen dat ontstellende bericht van een paar vrouwen: het graf is leeg en Maria heeft Jezus ontmoet, Hij is niet dood, Hij is nog steeds bij hen, anders dan voorheen, maar wel echt. Vanaf dat moment is het leven op aarde veranderd. Er is nog steeds lijden, in allerlei vormen: ziekte, oorlog en hongersnood, maar Jezus is er ook. Op de achtergrond, heel stil, soms fluisterend, heel af en toe ingrijpend. Hij weet dat een mens niet zonder verwachtingen kan leven en Hij heeft alle macht om elke teleurstelling om te draaien tot een onverwacht wonder.