maandag 27 december 2021

Gebroken

 

Baby Jezus is gelukkig nog heel, maar het hoofd van de kameel ligt naast zijn lichaam, een oortje van de ezel is nergens meer te vinden en de engel mist een vleugel. Verslagen kijk ik naar wat ik zelf heb aangericht in mijn schoonmaakwoede. ’s Ochtends op tweede Kerstdag overviel me die. Het gordijn naast de televisie had ik daar in een bundel overheen gehangen zodat ik overal goed bij kon. Die bundel was te zwaar en viel regelrecht naar beneden op de kerststal onder de televisie. Niet zomaar een kerststal. Meer dan veertig jaar geleden was het een cadeau van een goede vriendin. Kleine elegante figuurtjes van wit gips, zelfgemaakt en helemaal compleet. In die veertig jaar is er wel vaker iets gebroken: een van de herders mist een arm. Maar vanmorgen was de ravage echt groot.

‘Wat ontzettend jammer’, zei Bernard: ’Hoe kon je zo dom zijn?’ Onze kinderen waren gelukkig alweer vertrokken, die kerststal hoort bij ons familieleven met Kerst. Als gezin zijn we vaak verhuisd, de stal verhuisde steeds mee. Ik zette het hoofd weer even op de kameel en bedacht me dat er met lijm misschien wel wat gerepareerd kan worden. Het kleinste figuurtje van onze witte gipsen kerststal is baby Jezus met allemaal doeken om zich heen. Op afstand lijkt het een kleine sneeuwbal die op de grond geplet maar nog net niet uit elkaar is gevallen. Pas als je dichtbij komt zie je het gezichtje van een kind en gelukkig is dat niet gebroken. Straks mag het allemaal veilig in een doos naar zolder zodat we er volgend jaar weer van kunnen genieten.

In het echt bleef Jezus als volwassene niet heel. Hij werd gebroken en dat is niet alleen ‘ontzettend jammer.’ Christenen geloven in dit mysterie: Hij werd voor ons gebroken.

Gelukkig Nieuw Jaar! 

maandag 20 december 2021

Het ene nodige

 

Het is half negen s’ ochtends en nog een beetje donker. Ik stap snel in de auto. Mijn plan om om tien uur weer in huis te zijn zal niet slagen. Ik had al een half uur eerder in de Aldi willen rondlopen. Dus nu komt het aan op snel doorpakken: twee Kerstmaaltijden en cadeautjes voor onder de Kerstboom. Vroeger vonden we dat maar werelds: cadeautjes geven met Kerst. Maar vroeger aten we dan wel heel lekker en dat heeft eigenlijk ook niks met Kerst te maken.

‘Ik bin sa verdrietig’, ik schuif snel met mijn karretje langs de schappen en vang flarden van gesprekken op. ’Ja, het zal allemaal wel niks worden, het is heel slim’*. Ook bij de Aldi gaat het over de Coronamaatregels. ‘Er is maar één onderwerp op de radio’, verzuchtte Bernard vanmorgen. ‘Ja, maar lockdown of niet, we krijgen drie gasten en nu moet ik gauw weg’, zei ik. In de winkels blijkt er dus ook maar één onderwerp te zijn. ‘Ik heb het deze week heel druk met mijn werk, dat moet dus boven op onze slaapkamer online want de kinderen zijn thuis, het is een regelrechte ramp voor mij’, dit geluid hoorde ik gisteren van een vriendin en ik besef dat het ongemak van de lockdown regels verschillende gradaties kent.

Als ik de Aldi uitstap staan er nog steeds weinig auto’s op het parkeerterrein. Maar de lucht is helderblauw en de ramen van onze Renault glanzen. Na drie sombere bewolkte dagen is dit een mooie verrassing van Boven. Dank U Heer, zeg ik stilletjes vanbinnen. Ik ben iemand die zon nodig heeft om me goed te voelen. ‘Je weet eigenlijk wel beter’, hoor ik van binnen die stem fluisteren.

Hij heeft gelijk: Ik heb alleen Hem nodig.

*(‘Slim’ = waardeloos)

maandag 13 december 2021

De trein

‘Je kunt het beste rijdendetreinen.nl gebruiken. Die site klopt altijd. 9292 moet je niet nemen, helemaal niet voor Arriva. Schrijf het maar even op: Rijden de treinen punt nl.’ De conducteur is van middelbare leeftijd en vriendelijk. Hij neemt alle tijd. Toen ik hem zag staan achter de ramen van de trein had ik opgelucht ademgehaald: een deskundige om me te redden.

Want het leek allemaal even mis te gaan in de vroegte op die druilerige zondagmorgen. Het is ook veel te vroeg om met de trein te reizen, dacht ik bij mezelf. Op de fiets was ik maar net op tijd bij het station in de Westereen. Ik checkte in en ging niet op een bankje zitten want de trein kon elk moment komen. Ik wachtte een minuut, toen nog een minuut en na vijf minuten kreeg ik argwaan en wandelde terug naar het begin van het kleine perron. ’Op 12 december veranderen de reistijden’, las ik op het scherm. Vandaag was het 12 december. Ik zou niet alleen een half uur moeten wachten maar dat half uur zou ook mijn verdere reisplannen in de war brengen. En de plannen van de mensen naar wie ik zo vroeg in de morgen op weg was. ‘Mensen van middelbare leeftijd kunnen dat niet he, zulke sites goed lezen’, ik hoorde het al in mijn hoofd. Toen ik een twintiger en zelfs een dertiger was waren er geen schermen en sites. Alleen maar trein- en busboekjes, elk jaar een nieuwe. Geen veranderingen tussendoor.

De rode Arriva trein doemde op in de mist en ik zag dat hij bijna helemaal leeg was. Ik stapte in en de enige treinreiziger, zonder jas in groenblauw gekleed, stapte op me af. Ik pakte mijn ov-chipkaart en hij vroeg: kan ik u helpen?         

maandag 6 december 2021

Opvreten

 

Als oma bof ik toch maar met dagelijkse apjes van foto’s en filmpjes van onze drie kleindochters. Het ene filmpje is al leuker dan het andere. Kleindochter no. 3  is 9 maanden, ze praat nog niet, dus de filmpjes van haar zijn ‘stomme filmpjes’, waarop we haar zien kruipen, knuffelen en knabbelen. Ze heeft twee tandjes waarmee ze hele bananen en broodkorsten naar binnen werkt. Maar het lekkerste en fijnste om op te eten is mama en die is ook een heerlijk knuffelobject. Deze week kwam er een filmpje waarop ze, met haar armpjes om mama’s hoofd heen, mama’s gezicht helemaal aflikt met haar tongetje en dat alles gaat gepaard met knorrende geluiden. ‘Ze wil je wel opvreten’, schreef iemand in de gezins-ap.

‘Ik kan je wel opvreten’ is de uitdrukking van een verlangen dat ieder mens wel kent: zoveel van iemand houden dat je helemaal in die persoon wil opgaan. Veel relaties beginnen zo. Dan wil je altijd bij die ander zijn, dan wil je dat die ander altijd bij jou is, wil je elkaar nooit loslaten, nooit meer gescheiden zijn. Helaas ebt dat gevoel vaak weg en scheiden stelletjes die ooit waren begonnen ‘om elkaar op te vreten’ na verloop van tijd toch. God wil ook een relatie met de mens hebben, met ieder mens. En daarom stuurde hij zijn Zoon naar de aarde. ‘Ik ben het brood dat leven geeft’, zegt Jezus. ’Mijn lichaam is het ware voedsel’. Hij wil dat we Hem opeten. In geestelijk opzicht uiteraard: hij wil dat we Hem nooit meer loslaten, blijven vasthouden.

De grote vraag is natuurlijk: waarom? Waarom wil Hij dat we altijd dicht bij Hem blijven? Het antwoord is heel simpel: omdat we Hem nodig hebben. Zonder Hem kunnen we niet echt leven en helemaal niet echt liefhebben!

maandag 29 november 2021

Fijnstof

 

Ik til de zwarte palletstofzuiger uit de kast en zet deze vlak bij de palletkachel op de grond. Aan de voorkant van- en beide kanten naast het deurtje leg ik een paar witte T-shirts van Bernard. Ik doe een mondkapje voor, het deurtje open en druk op de aan-knop van de stofzuiger. Als een jankende hond klinkt het geluid door de kamer.

Dat is het dagelijkse ritueel in de pastorie sinds oktober. ‘Wat gezellig die palletkachel’, zegt iedereen die op bezoek komt. En altijd gaat er dan een grijns van Bernard in mijn richting. Want die is iedere morgen getuige van dat jankende geluid en veel geklaag uit mijn mond daarna: ’Dat fijnstof daar word ik helemaal niet goed van, moet je die zwarte vlekken in die T-shirts nu eens zien en het is nog niet eens december. Hoeveel maanden nog voordat die kachel niet meer aan hoeft? Waren we nog maar in Kenia.’

‘Voor as en fijnstof en stof in het algemeen moet je echt een Swiffer gebruiken’, zei iemand. Dus kocht ik een Starterspakket bij de Aldi. Bij zo’n pakket hoort een plastic greepje waar je heel handig een Swifferdoekje aan kunt vastmaken. Inmiddels zijn er heel veel wit- lichtblauwe doekjes in kleine zwarte monsters veranderd en bij ons in de kliko beland.

Toen ik vanmorgen het Swiffergreepje in de hand had en keek naar de zwarte afdruk op het doekje, dacht ik met een flits terug aan een dagelijks ritueel in Kenia. Daar waren het geen Swifferdoekjes maar wattenstaafjes. Elke avond voor het slapen gaan gebruikte ik er twee: een voor mijn ene neusgat en een voor het andere. Wit gingen ze erin, zwart kwamen ze eruit. Geen palletkachels in Nairobi, wel houtskoolbranders en uitlaatgassen waarvan de fijnstof tot binnen de huizen doordringt. Ook in Kenia klaagde ik.

(Inmiddels hebben we een andere stofzuiger 😊)  

maandag 22 november 2021

Dagboek

 

26 juni 1991:

-      Precies vier maanden in verwachting!

-      Vandaag heb ik het hartje voor het eerst horen kloppen. Ontroerend: tik, tik, tik. Dat kleine hummeltje doet zijn best om te leven. Opeens moet ik huilen.

Ik ben aan het opruimen in de pastorie en stuit op een doos met oude dagboeken. Terwijl ik erdoorheen blader lees ik over mijn tweede zwangerschap. (De eerste eindigde in een miskraam na drie maanden). Wat was het allemaal spannend. Ik lees bijna nooit terug, vanmorgen dus wel:

-      Ik maak me grote zorgen over onze financiën, hoe moet dat straks met een baby?Kinderen grootbrengen kost geld. Gaat dat wel lukken met één salaris?

Wat bijzonder om te bedenken dat het kleine hummeltje deze week dertig jaar wordt, zelf drie keer een zwangerschap meemaakte en nu drie dochters heeft. Dat is wat er gebeurt in dertig jaar. En wat het tweede betreft: ik was helemaal vergeten dat ik zo geobsedeerd was door geld.  Dertig jaar geleden was nog verborgen dat onze financiële situatie pas echt penibel zou worden in Kenia, daar leefden we van giften van vrienden.

In dertig jaar is er veel gebeurd. Ik ben blij dat ik, met vallen en opstaan, geleerd heb om zorgen over geld in Gods handen te leggen. Geld is een machtig middel, maar God is machtiger. In Kenia raakten we bevriend met Joyce, een bedelares die als levensmotto had: ’God kan doen wat geen mens kan doen’. Ze was straatarm maar ze beleefde het ene wonder na het andere.

Ik zou  eigenlijk vaker terug moeten lezen. Ook mensen die geen dagboek hebben zouden vaker achterom moeten kijken. Om zo Gods hand als een rode draad in hun levensverhaal te ontdekken. De toekomst is voor ieder mens onzeker, het verleden mag een troostende herinnering zijn.

maandag 15 november 2021

Beetje jaloers

 

Kleindochter Anne is nog maar vier maar zit al in groep 2 op aanraden van de juf omdat ‘ze in alles op de anderen voorloopt’. Ze schrijft al halve zinnetjes: ‘A n n e   is   l i e f, m a m a   i s   l ie f, p a p a   i s   l i e f.’ Dat leert ze ze zichzelf aan waarbij ze de kunst van grote zus Nynke, die in groep 4 zit, afkijkt. Ze logeerde pas bij ons in de pastorie, keek vol verlangen naar de boekenkasten en fluisterde: ‘Ik vind het niet eerlijk dat er geen boeken zijn met alleen de woorden die ik ken, want die boeken zou ik al kunnen lezen’. Anne zit vol passie.

In groep 2 moeten de kinderen soms in groepjes werken. Maar: ’Ik vind het niet fijn dat Noah in mijn groepje zit’, vertelt ze mama. ‘Waarom niet?’, vraagt mama. ‘Dat kan ik niet zeggen’. Mama zegt: ‘Kun je het niet heel zachtjes in mijn oor fluisteren?’ Anne gaat bij mama staan met haar hand voor haar mond, vlak bij mama’s oor: ’Noah mag al op haar eigen fiets naar school fietsen’. Mama is psycholoog en begrijpt meteen waar de schoen wringt: ’Dus je bent een heel klein beetje jaloers op Noah?’ Anne is eerlijk en beslist: ’Niet een heel klein beetje maar heel erg.’

Jaloers ben je op iets dat een ander wel, maar jij niet hebt, waardoor die ander opeens een rivaal wordt. Anne is nog een kind maar ze voelt nu al aan dat jaloersheid iets naars is, iets waarvoor ze zich schaamt. Grote mensen zouden van haar kunnen leren. In plaats van hun rivalen weg te duwen en in een kwaad daglicht zetten zouden ze hun eigen jaloersheid de baas moeten worden.

maandag 8 november 2021

Maud en Baps

 

‘Maamaa, kun je, o nee: oma, wil je me helpen?’ Anne van vier uit Groningen logeert bij ons met haar grote zus van zeven. Aan de Pastoryloane hebben ze hun eigen roze kamer met witte kinderbedden en dinosaurus dekbedovertrekken. Ik voel me opnieuw mama en zij vergissen zich soms. Want mama is in Groningen met papa en de baby.

Wanneer mijn oudste zus ook een dagje en nachtje komt is het familiefeest compleet. Die zus woont in Frankrijk en is niet vaak in Nederland. Anne en Nynke zijn het eerste op en daarom ontbijt ik met hen in de vroegte in de woonkamer. ‘Oma, jij bent ook mama en grote zus’, Anne kijkt naar me met peizende ogen en ik denk: dat klopt. ‘Want mijn mama heeft ook een mama nodig’, dus ze is in gedachten bij haar mama in Groningen. En ik realiseer me de vele rollen die ik mag spelen: mama, oma, grote zus, grote nicht, kleine nicht, tante, echtgenote, domineesvrouw. Het enige wat ik niet ben is kleine zus, want ik ben de oudste van de vijf dochters van mijn moeder.

Mijn moeder speelt ook veel rollen maar één daarvan veranderde precies een jaar geleden. Ze was de vrouw van mijn vader en nu is  ze weduwe. Een hele grote rolwisseling. Waar zij nog lang niet aangewend is en wij ook niet. Veel meer dan vroeger belt ze ons op om te overleggen: over een aankoop, om raad voor een computerprobleem of gewoon om even te kletsen. Soms voel ik me dan opeens als een mama voor mijn eigen mama. ‘Maud en Baps’ is een televisie serie waarin dat met veel humor wordt gespeeld. Maar Anne van vier heeft gelijk: ook oma heeft een mama nodig!

maandag 1 november 2021

Geven en nemen

 

Geven en nemen: ‘In de omgang met anderen toegevendheid weten te verenigen met de zorg voor eigen belang’ Die definitie vond ik op internet. Nooit alleen maar geven in een relatie maar ervoor zorgen dat je zelf niet te kort komt. ‘Blijft geven en nemen he?’, hoor ik vaak mensen zeggen als het huwelijk ter sprake komt. Geven en nemen is de normale gang van zaken.

Verwonderd was ik dan ook toen ik bij een trouwdienst de predikant tegen het aanstaande paartje hoorde zeggen: ’In een goed huwelijk is het geven en...’, hij trok zijn wenkbrauwen op en iedereen in de zaal vulde het in, maar toen kwam het: ’ontvangen.’ Nog weken erna dacht ik daarover na. Wat bedoelde hij? Ik ken huwelijken waarbij de ene altijd aan het geven is en de ander alleen maar ontvangt. Eerlijk gezegd vind ik dat vaak zielig en ook dom.  

Paulus schrijft over geven en ontvangen en hij doet er nog een schepje bovenop: ’Het is zaliger te geven dan te ontvangen.’ (Handelingen 20:35) Dit zijn overigens de woorden van Jezus zelf. Maar hoe kan Jezus dat van iemand vragen: altijd alleen maar geven? Ik ging opnieuw wekenlang peinzen. En toen kreeg ik het antwoord bij het lezen van Mattheüs 28: ’Kom tot Mij allen die vermoeid en belast zijt en Ik zal U rust geven.’ Jezus wil rust geven aan iedereen die vermoeid is (van het altijd maar geven bijvoorbeeld). Bij Hem mag je eerst voor jezelf rust ontvangen. Daarna moet je iets nemen: zijn juk op je. Hij wil de leiding van je leven overnemen. ‘Neem mijn juk op je.’

Iedereen die dat echt doet gaat het wonderlijk meemaken dat hij (of zij) opeens  niets anders wil dan geven. Bij Jezus is het ‘ontvangen en geven’. Ontvangen van Hem en geven aan die ander! In een goed huwelijk gebeurt dat vice versa!   

maandag 25 oktober 2021

Het Beest

 

In en buiten de kerk spreekt men de laatste weken over ‘het Beest’. En dan gaat het deze keer niet over de grote Cadillac van de Amerikaanse president. (Dat ‘beest’ kost meer dan anderhalf miljoen dollar, is een zware vrachtwagen in Cadillac vorm, tegen elke vijandige aanval bestand en uitgerust met James Bond achtige foefjes om de Amerikaanse president te beschermen.) Die mag eruitzien als een Cadillac, maar dat is schijn.

Dat ‘lijken alsof’ is enige overeenkomst met het Beest uit Openbaring 13 waar de gemoederen hoog over oplopen na een preek van dominee Paul Visser uit Rotterdam. In die preek suggereert hij wat er met het Openbaring- Beest bedoeld zou kunnen worden. Het eerste Beest in Openbaring 13 is door en door slecht, het tweede lijkt heel anders, dat heeft Messias-achtige trekken. En volgens Visser is het dat Beest dat zich vandaag manifesteert als ‘The Great Reset’, het plan van het Wereld Economisch Forum om de wereldeconomie na de coronapandemie te herstellen. Dat mag dat allemaal geweldig en groots lijken, dat is alleen maar schijn, want het is antigoddelijk en antichristelijk. Paul Visser gelooft dat er zware tijden voor christenen gaan komen. Hij is er niet blij mee, hij wil ervoor waarschuwen. Christenen zullen het heel moeilijk gaan krijgen, ze zullen uitgesloten worden. Iedereen die niet mee wil doen met de Great Reset is tot ondergang in deze wereld gedoemd.

Ook ik heb de preek beluisterd, ook ik schrok. De dag erna besloot ik om de Bergrede te lezen in de nieuwste vertaling. Vanaf het eerste begin hoorde ik een heel ander geluid: ’Gelukkig wie vanwege de gerechtigheid vervolgd worden, want voor hen is het koninkrijk van de hemel.’ (Mattheüs 5:10) Jezus zegt: Vervolgd en uitgesloten worden is niet om bang maar om blij van te worden. 

maandag 18 oktober 2021

Nieuwe Bijbelvertaling

 

Onder de titel ‘NBV 21’ verscheen een nieuwe Bijbelvertaling. Vorige week kocht ik em, in Groningen bij boekhandel Riemer. Niet omdat dat wij thuis nog niet een bijbel hebben, we hebben er superveel. In alle soorten en maten en vertalingen. Met en zonder plaatjes. Van Fries tot Zuid-Afrikaans. Van Statenvertaling met kanttekeningen tot en met kinderbijbel. Tot voor vandaag las ik altijd alleen in het NGB van 1951. Ik heb me nooit vertrouwd gevoeld met de NBV van 2004 omdat wij Kenia woonden toen die verscheen.

Maar NBV 21 schijnt dicht bij NBG 1951 te staan en is net iets meer voor deze tijd. Ook was ik benieuwd naar die 20.000 nieuwe woorden, voordat ik die allemaal heb gevonden zijn we een jaar verder. Ik kocht de ‘huisbijbel’ omdat het lettertype iets groter is dan de standaard en dit waarschijnlijk prettiger leest.

Want de bijbel is geschreven om ons prettiger te laten voelen. Om ons beter in ons vel te laten zitten. Om ons te helpen om echt mens te zijn op aarde. Mijn lievelingsgedeelte is Mattheüs 11: 28:’Kom allen bij Mij (=Jezus) jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, Ik zal jullie rust geven.’ De zin die eraan voorafgaat raakte me: ’Alles is Mij toevertrouwd door mijn Vader’; zo had ik het nog nooit gelezen. In NBG 51 staat: ’Alle dingen zijn mij overgegeven door mijn Vader’: daar kon ik me nooit iets bij voorstellen. ’Alles is Mij toevertrouwd door mijn Vader’, spreekt me wel aan: De Vader vertrouwde zichzelf aan Jezus toe en Hij wil zich op zijn beurt toevertrouwen aan mensen die er eerlijk voor uitkomen dat ze vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan: geweldig toch?!

De NBV van 2004 spreekt overigens ook over ‘toevertrouwen’, maar dat had ik nog nooit gelezen….